Over dieren 2: Waarom over dieren?

Het is het voorjaar van 2023. Samen met een groepje vrienden bezoek ik een kinderboerderij. We hebben zojuist een Escape Room gedaan en traditiegetrouw vieren we onze escape met een gezamenlijk etentje. De kinderboerderij blijkt tevens een biologische kaasmaker en pannenkoekenrestaurant te hebben. Schattige dieren, eerlijke kaas en warm eten, kortom de perfecte bestemming om aan al onze behoeften te voldoen. Ondanks dat de laatste meters richting de boerderij, waarbij wij overvolle parkeerplaats na overvolle parkeerplaats passeren, al niet hoopvol stemmen, had ik mij niet voor kunnen bereiden op wat we op de biologische boerderij aantreffen.  Naast de drukte in het restaurant en de om ons heen gillende mensenkinderen stikte het er van andere typen babydieren. Lammetjes, kalfjes en biggetjes. Stuk voor stuk apart en verwijdert van hun moeders. Opgehokt in strooien bakjes waar de mensenkinderen en hun ouders de dieren kunnen aaien of een flesje kunnen geven.

Wat op het eerste gezicht schattige dieren lijken, blijken stuk voor stuk hartverscheurende verhalen. De biggen hadden wonden om het vechten om het voer in de te krappe hokken, de geitjes kregen flesjes krachtvoer van bezoekers terwijl in het hok ernaast hun moeders hopeloos op zoek naar hun kinderen stonden te blaten. Een kalf waar de navelstreng nog aan hing sabelde wat aan een stalen pijp boven zijn/haar hoofdje. Op zoek naar een uier, maar die uier werd een aantal meters verderop biologisch leeggepompt zodat wij, als enige zoogdier op aarde die melk van andere zoogdieren drinken, er biologische kaas van kunnen maken. 

Ongeveer een maand voor het bezoek aan de boerderij zag ik COW. Een documentaire van de Britse Andrea Arnold. Arnold maakte eerder diverse speelfilms als Fish Tank en American Honey. Urgente, rauwe films over mensen die opgegeten worden door het systeem waarin zij opgegroeid zijn. In COW doet zij hetzelfde terwijl zij haar camera continu dicht op de huid van koe Luma houdt. Als kijker zien wij een leven dat een aaneenschakeling is van inseminatie, baren, gemolken worden, inseminatie, baren, gemolken worden, inseminatie, baren, gemolken worden, et cetera. COW kwam kort na de varkensdocu Gunda en voor de ezeldocu EO uit. Waar in de andere twee documentaires scenes geënsceneerd zijn (dit gebeurt in de meeste documentaires) en de dieren door verschillende dieren worden gespeeld, zien we in COW continue koe Luma. Ondanks de positieve kritiek die de film ontving kreeg hij minder aandacht dan de (voor diverse prijzen) genomineerde andere twee prenten. Sommige critici gaven (op alle drie de films) als kritiek het kitsch te vinden als een dier vermenselijkt wordt. Het is kritiek van mensen die niet op de hoogte zijn van steeds grotere kennis over de belevingswereld van niet-menselijke dieren, hen nog steeds als de machines zien die eerst religie en daarna de verlichting van hen maakten. Het is kritiek van mensen die een blinde vlek hebben voor de manier waarop de veeteelt en de daaromheen gegroeide industrie er alles aan doet om hun werk en het leed wat hierbij komt kijken onzichtbaar te maken. Zoals we in een wereld leven waarin we eerder lijken te overwegen een levenloze computer rechten te geven dan een levend dier, leven we ook in een wereld waarin een dier vermenselijken op kritiek kan rekenen maar een ander levend wezen als gebruiksvoorwerp zien geen probleem is. 

Door COW zag ik de mechanismen die van een biologische kaas- & kinderboerderij een monsterlijke uitbuitingsmachine maakte. Zoals ik jaren daarvoor in Albanië besloot geleidelijk aan vegetariër te worden was dit een reden om vaker vegan te leven en veel bewuster zuivel te gebruiken. 

In Albanië bestelde ik op een camping ooit lamskotelet. Een paar meter naast de tafel werd er een lam uit de wei getrokken en opengesneden. Nog nooit was de link een levend en het product op mijn bord zichtbaarder. Een paar dagen later reden we in Gjirokastër langs een slager. Buiten stond een kalf aan een ketting. Toen we een dag later langskwamen om boodschappen te doen, lag het dier in delen, in de etalage. De onzichtbare linken waren zichtbaar geworden. Vanaf dat moment zwoer ik het af, ooit nog babydieren te eten. “Volwassen” vlees kocht ik niet meer uit de bio-industrie maar enkel nog biologisch, maar hoe meer ik mij verdiepte hoe minder ik in mijn hoofd nog kon rijmen dat ik überhaupt dieren at. Zoals Melanie Joy beschrijft in ‘Waarom we van honden houden, varkens eten en koe dragen’ is de voornaamste reden om iets als normaal te beschouwen het feit dat de mechanismen erachter onzichtbaar zijn. We doen bepaalde dingen uit gewoonte en zullen daar nooit een overwogen keuze over kunnen maken zolang je geen kennis over die mechanismen hebt.

Stoppen met melk of yoghurt was geen probleem. Beide dronk en at ik al zo goed als nooit, maar kaas ging er met kilo’s doorheen. Crème fraîche, boter, roomkaas en mayonaise hebben perfecte vegan vervangers. Brie en belegen niet. Kaas eet ik inmiddels veel en veel minder en ik kan een waanzinnige ei-loze eiersalade maken. Ondertussen mag mijzelf in het weekend graag trakteren op een broodje gekookt ei, met veganmayo. Het eitje komt van kipjes uit de tuin van een collega, waar ik weet dat zij het goed hebben. Al met al ben ik een inconsequente vegan, maar zoals de filosoof Frank Meester in ‘Waarom we de wereld niet rond kunnen krijgen’, uiteenzet, zijn mensen nu eenmaal geen consequente dieren. We kunnen nooit alle kennis over alle mechanismen hebben en dit allemaal in overweging nemen om altijd de meest ethische keuzes te maken. Dit geldt in het groot voor het feit dat de meest bevestigde natuur- en wiskundige wetten met elkaar botsen (streven naar volledigheid leidt hierin tot onvolledigheid) en in het klein voor de vegan met leren schoenen. Complete consequentie bestaat niet en het is dan ook gemakzuchtig om iemand met idealen, die tegen wat wij maatschappelijk als normaal zien ingaan, op inconsequenties te betrappen. Ook al kies je er bewust voor iets altijd precies hetzelfde te doen, op den duur zal dit vanzelf gaan waardoor het onbewust wordt en daarmee inconsequent is geworden.

Genoeg daar over. Het dreigt te theoretisch te worden. Zelf ben ik nu zoekend. Zoekend hoe ik persoonlijk en wij in het algemeen ons tot dieren (en de natuur) kunnen verhouden. In het eerder geschreven ‘Over carnisme’ legde ik de kennis die ik al terwijl ik aan het zoeken ben opdoe op een specifieke situatie. Dit zal ik hier vaker doen. Om de kennis te toetsen, mijzelf hierin te ontwikkelen en hopelijk lezers te inspireren en over mechanismen te informeren. Daarnaast zullen er grotere stukken zijn over mijn eigen zoektocht en conclusies. Voor mijzelf, voor de lezer en bovenal voor de dieren. Daarom dus: ‘Over dieren’.