Het essay als probeersel voor je eindpresentatie.
Je wilt hierin een soort universele uitspraak doen.
Pas op dat het geen betoog wordt (niet vanaf het begin je punt al duidelijk maken maar de lezer meenemen op denkreis).
Houd hiervoor rekening met de wetten van Pathos-Ethos -Logos in taal en schrift.
-Pathos is het dichtste bij. Je eigen leven en persoonlijke details. Dit wekt sympathie op. Pathos is universeel menselijk.
-Logos is de taal en theorie die je gebruikt. De argumenten, toon en formulering waarmee je je boodschap brengt.
-Ethos is de hoge moraal die achter je boodschap zit.
Socrates: Zolang je iets opschrijf gaan andere ermee aan de haal
Arendt: Je oordeel is je smaak
Heidegger: De mens heeft geen essentie, de mens heeft zijnsmogelijkheden
Zoektocht naar zelfkennis in de buitenwereld via tetractys/krallenspel
Niet wat je zegt maar hoe je iets ervaart zegt iets over hoe jij bent.
Vertel over een situatie, wat speelt hier? Als de speelvelden bekend zijn, wat betekent dit? Blijf weg uit de navelstaarderij van de psychologie.
Tectractys van Phytagoras
o – het dragende idee
oo – De polen van betekenissen (onbepaalde twee-eenheden)
ooo – Buik – Hart – Hoofd
oooo – situatie – hittepunt – ontwikkeling – vraag
Wat is nu mijn werkvraag? Hoe verhoud ik mij actief tot de praktisch opgedane kennis (herformuleren). Of: Hoe verkoop ik mijzelf beter?
Physis
-Het ontstaansproces waar jij onderdeel van uitmaakt.
-Het samenbrengen van de vier oorzaken (zie Heidegger) waarvan jij er een bent.
-Projecteer het ontstaan van jezelf als oorzaak in je werk.
Roos Slegers – Heidegger
Heidegger leert ons dat kunst ons opnieuw naar dingen laat kijken die wij inmiddels voor lief nemen. Het is een kwestie van smaak of zijn taalgebruik voor je werkt. Heidegger schrijft erg (pseudo-)poëtisch.
Vragen stellen schept een weg. Puur door een vraag te stellen schep je al verwachtingen en creëer je iets. De manier hoe een vraag gesteld wordt laat zien dat er al aannames gedaan zijn. Om ons überhaupt iets af te kunnen vragen, moeten we dan ook naar de te gebruiken of gebruikte taal kijken.
Zijn tekst ‘De vraag naar techniek’ komt uit 1954, nog geen tien jaar na de oorlog. De techniek waar Heidegger het over heeft is dan ook zeker de techniek van massavernietiging.
Het doel van ‘De vraag naar techniek’ is een vrije relatie van de mens met techniek. Met moderne techniek zijn we niet alleen ondergeschikt aan de techniek geworden maar ons hier ook niet meer bewust van. Hierdoor kunnen wij ons niet meer actief verhouden maar enkel nog afzetten van. Afzetten is ook een afhankelijkheidsrelatie en dus geen vrijheid.
Het probleem met ‘De vraag naar techniek’ is dat we de causaliteit niet snappen. Al onze houdingen bewijzen dat we ons te veel verstrengeld hebben met de techniek. Van de essentie kunnen we eigenlijk nooit zeggen dat dit goed of fout is, maar toch doen we dit door onze problematische verhouding met techniek. De paradox is dat technologie hierdoor nooit neutraal is. Je kunt je daar niet achter verschuilen. Niet alleen extreme technologie als de kernbom is niet neutraal, maar alle technologie. Met als voorbeeld: als je een hamer vast hebt dan lijkt alles op een spijker. We zijn op een vreselijke wijze overgeleverd aan techniek wanneer we het als iets neutraal proberen te zien. BV: Guns don’t kill people, people kill people” of deepfake. Dit is inherent immoreel, maar door onze verwevenheid met techniek zeggen we dat dit afhangt van de gebruiker. Wie dit argument gebruikt is dus verloren.
Techniek is altijd een middel tot een bepaald doel (causaliteit en instrumenteel)
Technologie is een menselijke activiteit (dit schreef Heidegger voordat Frans de Waal anders bewees) en komt voort uit de wil iets te temmen en de behoefte aan controle.
Waar instrumenten worden ingezet, heerst oorzaak en gevolg. Inmiddels hebben wij ons echter onderworpen aan de techniek waardoor wij deze causaliteit uit het oog verliezen. We laten AI dingen doen omdat het kan en leuk is en vragen ons pas daarna af wat dit betekent. We zitten te ver in de techniek om eventuele problemen hiervan te zien. Je verwijdert een app maar houdt je smartphone.
We kennen de mens te veel eer toe in het maakproces. Om een gezondere kijk op creatie te hebben moeten wij ons bewust zijn van de vier oorzaken die iets maken.
1. Causa Materialis = de eigenschappen van het materiaal waar iets van gemaakt wordt.
2. Causa Finalis = het einddoel van het gemaakte bepaald dingen als vorm, formaat, etc.
3. Causa Formalis = de formele zaken, welke beperkingen kennen het materiaal, de maker, etc.
4. Causa Effecients = de maker die de andere oorzaken samenbrengt.
Hiermee vraagt Heidegger om nederigheid van de maker. Besef dat je maar een radertje in het geheel bent. Het is geen koude oorzaak gevolg relatie. De totstandkoming is ‘intiemer’: Er wordt iets in aanwezigheid gebracht door een samenspel van oorzaken. Dat vraagt nederigheid van de vakman/-vrouw ten opzichte van de andere oorzaken en van het tot standkomingsproces/het voortbrengen van iets.
Tegenover dit romantische totstandkomingsproces genaamd ‘voortbrengen’ staat ‘losrukken’
Moderne techniek brengt geen dingen voort maar rukt deze los door niet naar causaliteit te kijken, hierdoor heeft het een onredelijke verwachting van de natuur. Alsof we alles oneindig kunnen losrukken en gebruiken wanneer nodig. Zonder consequentie. Het is een agressieve kijk die uitgaat van maximaal profijt voor minimale inspanning. Alles “on demand”. Door hier gebruik van te maken voeden we een machine maar weten we niet wat ‘temmen’ en ‘controle’ in verhouding tot deze techniek betekenen. Er zijn hierdoor geen objecten van weerstand meer, dat lijkt fijn maar verwijdert ons van onszelf, wij zijn enkel nog.
Hierdoor kan er iets monsterlijks ontstaan. Monsterlijke dingen ontstaan doordat wij iets niet kunnen controleren of iets proberen te controleren, reguleren en structureren.
We krijgen de indruk dat alles eigenlijk het resultaat is van ons eigen bestaan. Hierdoor komen we onszelf niet meer tegen. Het gevoel van eenzaam groeit en alles wordt instrumenteel. Alles word een object of tuig (instrument van een ander).
Heidegger wordt dan ook veel aangehaald in huidige techniek/natuur discussies. Tegelijk is hij populair bij software engineers en vond hij (met het oog op losrukken) de term ‘Human Resources’ verwerpelijk.
Heidegger verheerlijkte vanuit een luxe positie het arbeidersbestaan en zette zich af tegen de techniek. Marx was juist een arbeider die de techniek als bevrijder van de arbeider zag. Een dialoog tussen deze twee zou een interessant gesprek op kunnen leveren.
Techniek verwijdert ons van onszelf. De mens heeft geen essentie, de mens heeft zijnsmogelijkheden. Deze worden beperkt door techniek, techniek zorgt voor minder verhouden tot.